Vrijwel alle leiders die ik spreek, willen verbeteringen doorvoeren.
In hun team of organisatie.
Zij zien het grote plaatje, de positieve impact die het kan hebben.
Maar tegelijkertijd hebben ze moeite om hun mensen mee te krijgen in veranderingen.
Ze voelen weerstand in hun team.
Het ongemak dat oploopt.
De spanning die tastbaar wordt in allerlei kritische vragen.
Met als gevolg dat ze gaan twijfelen: was dit wel zo’n goed idee…?
Dikwijls kiezen leiders er dan voor om mee te bewegen met de weerstand.
Ze verzachten de boodschap, bouwen extra uitzonderingen in of stellen tijdslijnen en doelen bij om de druk te verlagen.
Hoe begrijpelijk dat ook is, op het moment dat je de spanning reduceert, verminder je de urgentie.
De weerstand líj kt af te nemen.
Maar wat werkelijk afneemt, is de noodzaak om te bewegen.
Mensen denken: het gaat dus toch niet zo’n vaart niet lopen, we wachten het wel af.
En ze veren snel weer terug naar de normale orde van de dag.
Wil je als leider verandering brengen, dan moet je het ongemak kunnen dragen.
Weerstand is een normale reactie op verandering.
Zonder die spanning verschuift er niets.
Wie als leider de spanning dempt, dempt de verandering.