Oorlogen, geopolitieke spanningen en klimaatvraagstukken spelen zich allang niet meer alleen buiten de organisatie af.
Ze werken door in de hoofden, harten en interacties van je mensen.
De vraag is dus niet óf dit binnenkomt op de werkvloer, maar wat je er als leider mee doet.
Ik merk dat veel leiders geneigd zijn om te denken dat ze de grote, moeilijke thema’s buiten de deur kunnen houden.
Onder het mom van focus, professionaliteit of resultaatgerichtheid, krijgt het geen ruimte.
Het hoort volgens hen niet op de werkvloer thuis.
Maar het is allang naar binnen geslopen.
In gesprekken die stilvallen of verharden, in collega’s die elkaar vermijden of juist scherper opzoeken, in cynisme dat toeneemt, in samenwerkingen die minder vanzelfsprekend zijn geworden en in mensen die zich terugtrekken terwijl anderen nadrukkelijker hun positie innemen.
Dit is niet zomaar gedoe, dat je kunt wegmanagen.
Dit is spanning die ergens een plek probeert te krijgen.
Als leider gaat het er niet om dat je een inhoudelijk standpunt inneemt, de richting wijst of een oordeel velt, het gaat erom hoe je aanwezig bent in die spanning.
Durf je het bespreekbaar te maken?
Geef je ruimte aan verschillende opvattingen?
Kun je van iedereen de kwaliteiten zien, ook als zij bijvoorbeeld politieke standpunten hebben die ver af staan van de jouwe?
Het gesprek daarover voeren is nodig, ín je organisatie, ónder werktijd.