Wij tegen de rest

,,Samen met Ferd tegen de rest, heerlijk…”

Dat appte Mark Rutte tijdens de coronacrisis over een aantal collega’s in het kabinet.
Ik bleef vooral hangen bij de woorden ‘tegen de rest’.

Die woorden geven namelijk precies aan hoe polarisatie kan beginnen. Niet met een grote ruzie, maar klein.
Met het gevoel: wíj́ begrijpen wat er nodig is, zíj́ maken het onnodig ingewikkeld.

Een inhoudelijk verschil verschuift dan langzaam naar een oordeel over de ander.

Het gaat dan niet meer over wat er wordt gezegd maar over wie het zegt.
,,Ik vind jouw bezwaar niet doorslaggevend” wordt: ,,Jij werkt ons tegen.”

Het woord ‘wappie’ werkte in die tijd ook zo. Zodra iemand dat etiket kreeg, dacht je al snel te weten met wie je te maken had.
En dus ook hoeveel aandacht je nog aan diens verhaal hoefde te besteden.

Als je iemand eenmaal hebt weggezet, hoor je vaak niet meer wat diegene zegt.
En dan kun je informatie missen die je misschien wél nodig hebt voor de beste besluiten en resultaten.

Op de werkvloer gaat dat in de dagelijkse praktijk niet anders. Een directeur wil een besluit nemen, maar de collega’s van finance blijven kritische vragen stellen over de risico’s. Eerst worden die vragen nog serieus beantwoord. Na een paar vergaderingen zegt iemand: ,,Daar gaan ze weer. Bij finance kan ook nooit iets. Ze doen altijd moeilijk.”

De directeur lacht mee. Ook wel begrijpelijk. Zij wil verder en heeft het gevoel dat alles al drie keer is besproken.
Bij het volgende besluit wordt finance niet meer betrokken.
Niet bewust om hen buiten te sluiten, maar omdat iedereen inmiddels wel denkt te weten wat er gaat gebeuren: zij zullen toch weer op de rem trappen en dwars liggen.

Er is geen ruzie. Niemand noemt het polarisatie.
Toch is er iets veranderd. Namelijk: wie er wordt betrokken, naar wie er wordt geluisterd en welke informatie nog op tafel komt.

Onbewust sluipt het er zo vaak in dat collega’s niet meer naar elkaars argumenten luisteren maar alleen nog maar wij versus zij zien. ‘Die van Finance’, ‘de mensen van kantoor’ of ‘de jonge garde’.

Daar heb je als leider op in te grijpen. Want zonder ingrijpen voedt je de onderlinge tegenstellingen.
Polarisatie dus.

Het is nadrukkelijk niet je rol om te zorgen dat iedereen het met elkaar eens wordt, maar je bent wel verantwoordelijk om een context te creëren waarin mensen, juist met verschillende inzichten en belangen, samen bijdragen aan de beste resultaten.

Contact met de talentenleider

    Gerelateerde artikelen

    • Als leider jezelf zijn

      Jacinda Ardern laat zien dat menselijkheid en gezag goed samengaan. Waarom jezelf zijn juist krachtig leiderschap oplevert.
    • Ik ga het anders aanpakken

      Ben je als leider vooral problemen aan het oplossen? Maak ruimte voor jouw taak: richting geven, keuzes maken en duidelijkheid bieden.
    • De Keuze

      Boekentip voor iedere leider waarin je leert over vrijheid, invloed en kracht om in complexe situaties anders te kijken.

    Door de site optimaal te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Meer informatie

    De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

    Sluiten